Vandaag spreken we met Tim Nijsmans. Tim heeft meer dan twintig jaar ervaring in de wereld van beleggen en waarvan meer dan tien jaar als portefeuille- en fondsbeheerder bij een Antwerpse private bank. Professioneel heeft hij achter de schermen gewerkt op de afdeling beleggingsfondsen van een grote bank, en ook op de beursvloer van een optiehandelaar. Maar de meeste ervaring heeft hij echter opgedaan bij de Antwerpse bank Dierickx Leys. Daar analyseerde hij aandelen en obligaties, voerde hij orders uit op de beurs, adviseerde hij klanten en werkte uiteindelijk twaalf jaar als vermogens- en fondsbeheerder. De laatste jaren adviseert hij particulieren over financiële planning via zijn eigen kantoor Vermogensgids.

Daarnaast zit Tim ook in de raad van bestuur van de Vlaamse Federatie van Beleggers. En, als oprichter van de Facebook-groep Beleggen, die bijna 14.000 leden telt, is hij een belangrijke kracht achter een van de grootste communities van particuliere beleggers in België. Nog daarnaast geeft Tim ook een cursus “private banking” aan de Arteveldehogeschool in Gent.

Zoals jullie kunnen lezen is Tim een extreem veelzijdig persoon die via allerlei kanalen actief is in de beleggingswereld. En vandaar ook dat we hem gevraagd hebben om met ons te spreken.

We zijn niet teleurgesteld geweest. Dit interview zit vol met tips voor de Belgische belegger. We hebben het over de wereld van private banking, hoe fondsen door banken worden beheerd, waarom hij zijn firma is begonnen, waarom het moeilijk is om de financiële markt te verslaan en hoe beleggers kunnen omgaan met hun emoties. Zelfs het belang (en het gebrek) van financiën in het onderwijs komt aan bod. Enjoy!

Het is geweldig om vandaag met jou te spreken. Ik heb je een korte introductie gegeven, maar kan je misschien wat meer over jezelf vertellen en hoe je in de financiële wereld bent gekomen?

Bedankt Yoran voor de uitnodiging. Hoe ben ik daar ingerold? Ik weet nog dat ik op 13-jarige leeftijd ineens gefascineerd was door geld. Op Teletekst, een instrument dat nu niet meer bestaat (ik denk dat de jongeren onder jullie dat niet zullen kennen), stonden de beurskoersen en de wisselkoersen. De ene dag waren die groen. De andere dag waren die rood. En het fascineerde mij hoe dat geld kon bewegen en waarom dat zou zijn. En nu wil het toeval dat ik elke avond moest wachten op mijn moeder in de bibliotheek van de stad waar ik naar school ging. In plaats van me te vervelen of iets anders te doen, ben ik op den duur begonnen met het lezen van beleggingsboeken en beleggingsbladen, omdat dat mij zo fascineerde. En zo ben ik eigenlijk helemaal gefascineerd geraakt door de beurs- en beleggingswereld. Ik ben dan ook economie gaan studeren en ben ik bij de financiële wereld terechtgekomen via instellingen. Eerst een grootbank en dan inderdaad Dierickx Leys Private Bank. Zo ben ik dan uiteindelijk terechtgekomen in de bankwereld.

Ik denk dat veel van onze luisteraars misschien niet weten wat een private bank is of wat het doet. Zou je kunnen beschrijven wat een private bank is? Een private bank is, in tegenstelling tot een gewone bank, enkel en alleen bezig met beleggen en mensen hun vermogen beheren of daarrond te adviseren. Dat wil zeggen, daar moet je niet naartoe gaan voor een gewone rekening, voor bankkaarten, voor een lening of een verzekering. Nee, dat is eigenlijk puur gefocust op beleggingen, op mensen hun geld beheren en hen daarbij adviseren of zelfs in handen nemen.

Wat voor verantwoordelijkheden had je toen je bij Dierickx Leys werkte?

Ik ben daar begonnen gewoon als adviseur en trader, zoals dat dan genoemd werd. Een trader is een handelaar die op de beurs orders in de markt zet. Ik deed orders voor klanten, maar gaf hen ook wat licht advies. Maar na een jaar ben ik gepromoveerd, om het zo maar te stellen, tot vermogensbeheerder en analist.

In het begin was dat echt samen met de klant op maat werken. Individuele aandelen, individuele obligaties, soms zelfs een keer een optie of een afgeleid product. En dat was eigenlijk wel een heel interessante manier van werken.

Jammer genoeg, zoals bij de meeste banken, is er een evolutie geweest van werken op maat, met individuele aandelen en obligaties, naar meer gestandaardiseerde beleggingsfondsen (zogenaamde “profielfondsen”), waarbij je eigenlijk de klanten een beetje een standaard-oplossing bracht.

Ik ben dan ook wel betrokken geweest in het beheer van die fondsen. Maar dat lag mij toch minder. Het lag mij beter om op maat te kunnen werken voor mijn klanten.

Je hebt een aantal jaren daar gewerkt. Daarna ben je je eigen firma begonnen, Vermogensgids. Waarom heb je die stap genomen?

Het nadeel van dat standaardwerken met beleggingsfondsen was ook dat de kostprijs hoger was en dat je eigenlijk minder en minder eigen inbreng had. Je moest in groep beslissen. Je moest rekening houden met allerlei en nog wat regels, commerciële bedenkingen. En de beheerskosten van beleggingsfondsen zijn nu hoger dan wat ik fair vind tegenover de klanten (dit is meestal het geval in België trouwens). Dat is eigenlijk één van de belangrijkste redenen dat ik op mezelf begonnen ben.

Want ik vond eigenlijk dat mensen een veel betere zaak kunnen doen als ze zelf hun beleggingen in handen terugnamen, in plaats van dat aan de bank over te laten. Ik wou eigenlijk een hulp zijn op dat vlak. Ik vond dat dat nog niet bestond in België. Je had heel veel banken uiteraard, en makelaars die hun producten verkochten. Maar ik vond dat je eigenlijk weinig mensen had in België die hielpen met ETF’s (of trackers). Waarschijnlijk ook omdat je weinig verdient aan een tracker of een ETF, vanuit het standpunt van een bank dan.

In de wereld van beleggen is er een verschil tussen actief beheer en passief beheer. Zou je in jouw woorden kunnen uitleggen wat het verschil is tussen deze twee aanpakken?

Dat is een hele goeie vraag. De meeste mensen in de beleggingswereld (toch zeker in België) proberen de beurs te kloppen. Of toch in naam proberen ze de beurs te kloppen. En dat wil eigenlijk zeggen dat ze keuzes gaan maken. Dat betekent meer in één aandeel, minder het andere aandeel, meer in het ene land, minder in het andere land. Er instappen, er uitstappen… En dat betekent dat je heel veel beslissingen moet nemen.

En inderdaad, actief beleggen is die keuzes maken en zeggen van: “Ik weet het beter dan mijn opponenten op de beurs”. Want als je een aandeel koopt, dan denk je dat het goed gaat gaan. Maar de persoon die dat nu verkoopt heeft de tegengestelde mening. Die denkt van: “Het is genoeg gestegen. Het gaat niet meer verder gaan of toch nog niet veel verder. Ik zal mijn winst nemen.”

Dit element, of dat jij slimmer bent dan de andere partijen op de beurs, is al een heel belangrijk punt. Maar stel dat jij slimmer bent. Dan moet je natuurlijk ook nog alle kosten eruit halen, door alle transacties die je doet. En als je daareenboven nog eens deze beslissingen overlaat aan een bank, dan moet je natuurlijk alle vergoedingen die de bank vraagt terugverdienen. Niet alleen instapkosten, maar ook de jaarlijkse beheersvergoeding en de jaarlijkse kosten die afgehouden worden uit het fonds en die vrij onzichtbaar zijn, maar die er wel zijn. Deze kosten terugverdienen is een heel moeilijke zaak.

Daar tegenover staat de andere tactiek, passief beleggen. Dit is een moeilijk taktiek om iemand mee te overtuigen, omdat je de markt moet aanvaarden en iets kopen dat het gemiddelde is van alle aandelen. En ik heb gemerkt dat de meeste beleggers met wie ik praat gepassioneerd zijn. Zij willen iets doen, zij willen de beurs kloppen. Zij geraken niet gepassioneerd door passief beleggen.

Maar als we kijken naar de statistieken en de studies die gebeuren, dan zien we dat je door passief te beleggen, dus gewoon de markt kopiëren, automatisch bij de 70% of 80% beste beleggers hoort. Dit betekent dat er maar 20% beleggers het beter kunnen doen dan jou.

En dit is omwille van de feiten dat je minder kosten maakt, minder keuzes maakt en vooral niet de klassieke beleggingsfouten maakt.

Dat laatste is een zeer belangrijk element. Ik heb in zowel de professionele als de particuliere beleggingswereld gezeten en ik heb gezien dat iedereen fouten maakt. Ik ook. En ik weet dat en besef dat. Maar er zijn veel mensen die niet willen beseffen van zichzelf dat ze eigenlijk klassieke beleggingsfouten maken. Ze willen bijvoorbeeld geen verlies nemen. Of ze roepen bepaalde ankers op. Er zijn heel wat klassieke psychologische fouten die mensen maken als ze met beleggen bezig zijn. En met trackers, dus met passief beleggen, ga je die voor een groot stuk kunnen uitsluiten.

Banken bieden ook beleggingsfondsen aan. Hoe liggen die in het actief/passief spectrum?

Wat banken doen, is jou een beleggingsproduct verkopen. Dat is hun job want zij moeten winst maken. En dan moet je als klant beseffen dat zij dat niet voor je mooie ogen doen. Dat betekent dat zij daar klassiek veel kosten voor vragen.

Ik spreek niet over all banken, maar in het algemeen zijn ze ook meer bezig met mensen in hun beleggingsfondsen te krijgen of te houden dan dat ze bezig zijn met goed beheer. Als je als beleggingsfonds afwijkt, dat wil zeggen dat je minder haalt dan de beurs, dan verlies je vaak beleggers. Zeker als die afwijking naar beneden groot is. Wat heel veel banken in België daarom doen, en vooral de grootbanken, is wat men noemt “closet trackers”. Dit zijn fondsen die passief belegd zijn, met 300-400 verschillende aandelen in een beleggingsfonds, maar waarvoor wel hoge actieve kosten worden gevraagd. Dan koop je eigenlijk een tracker, waarvoor men in Europa normaal meestal 0,10% of 0,20% rekent, maar de bank gaat voor hetzelfde product 1,5% tot 2% vragen.

Ik heb ook in beleggingscomités gezeten bij de banken. En daarin zie je dat er vaak ook andere dingen meespelen dan rendementen. Daar is men bezig met commercie, dus met het verkopen van dat fonds. Dus ze gaan dan ook beleggingsfondsen lanceren rond thema’s die goed in de markt liggen. Vandaag de dag zullen dat thema’s zijn zoals “electric vehicles”, de Tesla’s en de Nio’s van deze wereld. Die worden niet zozeer gelanceerd omdat dat volgens de visie van de analisten en de strategen een goede zet is, maar vaak vanuit het standpunt dat er nu veel vraag naar is. Er zijn veel beleggers die ze daarmee kunnen overtuigen om in hun fonds te stappen. Dus commercie is een belangrijk element.

Daarnaast, als je met een groep mensen rond de tafel zit, krijg je geen gedurfde beleggingsbeslissingen. Je krijgt een consensus. Dat is niet slecht, het hoeft niet altijd gedurfd te zijn. Maar het zorgt er wel voor dat je niet gaat “outperformen” want je gaat eigenlijk bijna de consensus volgen. Doordat je met tien mensen rond de tafel zit, krijg je gewoon het klassieke consensus-denken.

En het allerbelangrijkste is dat de kosten van die bankproducten zo hoog zijn dat je eigenlijk heel moeilijk dat geld terugverdient. Ik weet dat ik er veel op terugkom maar ik kan het niet genoeg benadrukken.

De adviseurs die bij de bank werken valt niks te verwijten want zij moeten dat van hun directie doen. Die moeten het fonds verkopen en die 1,5% tot 2% proberen terug te verdienen. Er zijn zelfs vandaag de dag defensieve beleggingsfondsen die zulke kosten durven vragen, terwijl die voor 70 procent in obligaties zitten die quasi nul procent opleveren. Dus dan moeten die fondsen hun rendement halen uit 30 procent in aandelen. Laat ons optimistisch zeggen dat aandelen zo’n 6% per jaar opleveren. Dan heb je dus 2% rendement vanuit je aandelen. En er zijn dus banken die 2% vragen voor zo’n fonds. Uiteraard, in een goed jaar zal je dan wel eens een keer een positief rendement halen en in een negatief jaar gaat het er onder zitten. Maar lange termijn ga je aan zulke bankproducten bijna gegarandeerd verlies doen.

Hoe kan het dat de banken wegkomen met het verkopen van een product dat eigenlijk veel te duur is?

Een groot deel is gemakzucht van de klanten. En daar moeten we ook eerlijk in zijn. Wij zijn bezig, Yoran, met het proberen mensen te informeren over hoe dat het beter kan. Maar er zijn een hele hoop mensen in de samenleving die daar niet in geïnteresseerd zijn. Die dit interview niet gaan lezen of beluisteren, die niet op onze sites terechtkomen en die daar niet in geïnteresseerd zijn. En die gaan naar hun bank en die nemen daar een beleggingsproduct, uit het advies en het vertrouwen van hun bankier. Dat is een belangrijke reden waarom dat de banken ermee wegkomen.

Dus het komt door onwetenheid, zoals je zegt. En misschien ook door een gebrek aan transparantie? Financiën blijft een moeilijk onderwerp. Het blijft een moeilijk onderwerp en men heeft geprobeerd in Europa met regels en wetten dat zogezegd te verbeteren. Maar veel van die wetten en regels hebben eigenlijk een boemerang-effect gecreëerd.

Een bank moet in principe zijn jaarlijkse beheerskosten oplijsten. Nu, een aantal banken doet dat goed. Maar een aantal banken verstopt dat ergens vanachter in een inventaris, als laatste bladzijde, om dat niet aan de klant te moeten laten zien. Het is dikwijls ook zo complex opgemaakt dat mensen getallen zien, heel veel getallen, als een tabel vol met getallen. Maar de mensen die daar een blik op werpen, die hoor ik toch hoor. Die vallen van hun stoel.

Nu wil ik het hebben over emoties. Emoties zijn heel belangrijk in beleggen. Je gaf al aan dat dit één van de redenen is waarom actief beleggen voor veel mensen niet lukt. Emoties nemen het dan over van de ratio. Hoe ga je om met emoties bij het adviseren van je klanten bij Vermogensgids?

Dat is eigenlijk één van de moeilijkste dingen. Het beleggen zelf, dat wilt zeggen de ETF’s, is op zich geen complexe zaak, gezien hun eenvoud en de lage kosten. Maar het moeilijke van mijn job is, op het moment dat de mensen willen beleggen, hun zover te krijgen dat ze dat doen op een gestructureerde manier. Hiermee bedoel ik: regelmatig beleggen, zonder proberen te timen, zonder te verkopen als er stress is op de markten maar ook zonder teveel te kopen als het optimisme op een hoogtepunt is. Dus een deel van mijn job is om mijn klanten gerust te stellen.

Een paar weken geleden was er een terugval op de beurs doordat we een daling hadden van de technologie-aandelen. Ik heb toen een mail gestuurd naar mijn klanten en gerustgesteld met: “Kijk. De beurs schommelt nu eemaal. We hebben een heel mooi herstel gehad sinds maart. We gaan nu inderdaad terug een aantal procenten naar beneden maar ga daarvoor niets verkopen.”.

Veel mensen zeggen dat ze willen verkopen of cash houden en dat ze wel zullen kopen als alles in orde is. Nu, als er één wet is in de beleggingswereld, dan is het dat als je wacht totdat alles positief is, dan betaal je veel meer. Je moet eigenlijk kopen als er twijfel is en je moet verkopen als er veel euforie en optimisme is.

Omdat de meeste mensen daar niet voor gemaakt zijn, zou ik al heel blij zijn als mensen gewoon regelmatig zouden beleggen. Dat ze een consistent plan maken waarbij dat ze elke maand, of elke drie maanden, beleggen. Dat ze voor brede ETF’s kiezen die heel goedkoop zijn, die heel veel aandelen met zich meebrengen, en die geografisch gespreid zijn. Want gediversifieerde instrumenten zijn veiliger.

En vooral, “stay the course”. Dus niet omkeren als er problemen zijn. Niet in positieve zin, en ook niet in de omgekeerde zin door alles te verkopen als je niet meer ziet zitten.

Door het coronavirus was het op de markten dit jaar heel tumultueus. Heb je ook gemerkt aan de vragen van je klanten dat je hun meer moest adviseren over juist het emotioneel aspect?

Ja, zeker ten tijde van de eerste coronagolf, met de “corona-correctie”. Dan heb ik echt wel tegengas moeten geven aan mensen, om het zo te stellen. Ik heb in maart mails gestuurd, toen ik zag dat iedereen in paniek aan het komen was. Daarin zei ik van “kijk, als je nu nog cash hebt, koop een eerste schijfje bij”. Dat was dan de eerste week van maart, dat was nog te snel. Maar de mail heb ik herhaald in de tweede week en in de derde week van maart heb ik nog een derde mail gestuurd.

Dat was eigenlijk niet zozeer met de bedoeling om mijn klanten te overtuigen om te kopen, want dat lukt in zo’n daling meestal niet. Meestal willen mensen namelijk nog wachten, wachten totdat we verder zijn. Maar dan zijn we meestal al terug gestegen. Maar als ik ze al tegen heb gehouden om te verkopen, heb ik voor een deel mijn job al gedaan. Dat is toch mijn visie.

En er is in maart een enorme boom geweest in aandacht rond aandelen. De Facebook-groep Beleggen bijvoorbeeld (waarvan Tim de oprichter is) is op 6 maanden tijd van 6.000 leden naar 14.000 leden gestegen. Dat is enorm omdat de groep al sinds 2009 bestaat. Dat is meer dan een verdubbeling op zes maanden tijd. En dat komt natuurlijk ook omwille van de lage rente.

We hebben een heel lage, gemanipuleerde rente die door de centrale banken zo laag is gezet. Hierdoor gaan mensen nu speculatief beginnen te beleggen, juist omdat ze geen alternatieven meer zien. Zeker nu dat we banken beginnen te krijgen die zelfs negatieve rente vragen op je geld, zie je dat mensen bijna gedwongen worden om te gaan beleggen. En daarom is de interesse massaal gestegen. En krijg je er inderdaad ook mensen bij die er nog geen ervaring mee hebben. En deze mensen zijn misschien ook niet zo gemaakt om die schommelingen te kunnen verteren. Maar ze zijn nu wel op de markt gekomen, waardoor de beweeglijkheid op de beurs veel gestegen is, door mensen die constant in- en uitstappen.

Je bent onlangs begonnen als leraar “Private Banking” aan de Arteveldehogeschool in Gent. Wat vind je van de manier waarop financiën op middelbare scholen en universiteiten wordt onderwezen?

Buiten een aantal leerkrachten die hun best doen, is er structureel een probleem met de lessen rond economie en financiën. Er wordt veel economie gegeven, maar er wordt weinig financiën gegeven. Zelfs ik, als gemotiveerde achttienjarige, zocht naar een studeerrichting die met beleggen te maken had, maar ik vond er geen op universitair niveau. Je vond algemene economische opleidingen, waar je na drie jaar misschien eens één vakje kreeg over beleggen. Terwijl je dat zoveel breder zou moeten aanpakken, zelfs in het middelbaar onderwijs.

In de laatste graad van de middelbare school vind ik dat het belangrijker is, in plaats van te leren over de wet van het marginal grensnut (hetgeen een mooi economisch principe is dat je misschien moet kennen), dat je weet wat beleggen is en wat de soorten beleggingen zijn die je kan doen in het leven. Je kan ook iets hebben over een verzekering, waar in de opleidingen ook niks over gezegd wordt trouwens. Men zou veel meer een praktische toets moeten geven aan die zaken zodat mensen voorbereid worden op het echte leven.

Weten wat een aandeel is, of wat een obligatie is. Leerlingen moeten geen experts worden maar toch een notie daarvan hebben gekregen. Ik vind dat ze moeten weten wat een aandeel is, wat een obligatie is, als men in het zesde middelbaar afgestudeerd is. En dat is momenteel niet het geval. In geen enkele richting krijg je daar een hele goede opleiding van. Je krijgt veel theorie, maar jammer genoeg heel weinig praktijk.

We hadden het eerder over dat banken wegkomen met het verkopen van veel te dure beleggingsfondsen. Denk je dat onderwijs dit probleem kan verhelpen, bijvoorbeeld als een hele generatie beter financieel onderwijs zou krijgen?

Ja, als je dan inderdaad ook heel duidelijk en eerlijk vertelt dat bepaalde beleggingsproducten ook bepaalde kosten hebben, en dat je daar rekening mee moet houden. Dan krijg je inderdaad niet meer die zaken dat mensen schrikken dat ze een beheersvergoeding moeten betalen. En inderdaad, als men wat duidelijker daarover opleiding zou geven, weten de mensen tenminste dat. En dan kunnen mensen nog kiezen omdat ze het aanvaarden of niet.

Maar mogelijk gaat er dan ook wel een beetje druk komen om de prijzen te verlagen. In Amerika vraagt men 0,8% procent voor actieve fondsen. En dat vind ik al veel fairder. Je mag meer vragen: je hebt beheerders nodig, je hebt analisten nodig. Maar 0,8% of 0,9% lijkt me een veel eerlijkere vergoeding dan 1,8% of 1,9%. Dat is een volle procent meer dan dat je eigenlijk, vind ik, mag vragen als actief fonds.

Hoe denk je dat het verschil tussen Amerika en Europa in de prijzen van beleggingsproducten mogelijk is? De markt lijkt er ook veel meer open te zijn.

Ze hebben wel het voordeel dat ze een groter land zijn. Daardoor hebben ze schaalgrootte.

Maar ze zijn ook vrijer in de promotie van fondsen. En daar is dan een Vanguard kunnen beginnen, de bekende fabrikant van ETF’s. Die is begonnen als maker van indexfondsen die dan eigenlijk verkocht werden zoals een bank. Als je dat hier in België wil opstarten, is dat een heel moeilijke administratieve zaak. Maar in Amerika gaat dat veel sneller. John Bogle heeft dan Vanguard opgestart en is begonnen met het aanbieden van indexfondsen. En dat zorgde voor concurrentie en vergelijkingen met andere beleggingsfondsen. Hierdoor ontstond er een cultuur waarbij actieve fondsen een goede prestatie wouden halen tegenover die indexfondsen. En als ze dat niet haalden, moesten ze hun prijzen maar een beetje verlagen.

In België zijn we nog verknocht aan ons banksysteem vol met beleggingsproducten. Trackers en indexfondsen staan hier nog eigenlijk in de kinderschoenen en worden niet veel opgepikt. We zijn allicht één van de laatste landen waar dat indexfondsen doorbreken. Maar het begint. Ik heb daardoor het gevoel dat mensen meer en meer nadenken en hopelijk ook zien dat er alternatieven zijn voor bankproducten. Je ziet dat een aantal banken dat al probeert te capteren en ook al indexfondsen probeert te lanceren. Ze zijn nog te duur, vind ik. Maar goed, het is al een stap in de goede richting. Laat ons hopen dat ze daarna ook de tarieven naar beneden brengen.

Welk advies geef je aan millennials en jongeren die willen beginnen met beleggen?

Het moeilijkste is dat degenen die er uit zichzelf mee beginnen en heel gepassioneerd zijn, gewoonlijk heel sterk aangetrokken zijn tot de meer speculatieve aandelen. Daar is niks mis mee. Als ik in mijn social media kijk naar de jongeren, dan zie ik dat ze heel sterk gefocust en gefascineerd zijn door de Nio’s, de Tesla’s, biotech, cryptocurrency… Alles wat hevig beweegt. En ja, dat is logisch, want daar is wel winst te halen. Speculatieve winst. En dat trekt natuurlijk aan. Het is heel moeilijk om tegen een millennial te zeggen dat ze saai en voorzichtig moeten beleggen, met een gezapig rendement. Dat trekt hen niet aan.

Maar wat ik dan voorstel is hun portefeuille in twee stukken te kappen. In het financiële jargon, “core” en “satellite”, of de “kern” en de “satellieten”. Maak een kern-portefeuille waar je minder individueel risico neemt. Bijvoorbeeld met trackers, waarbij je brede ETF’s koopt die je gewoon kan blijven kopen en bijhouden voor jaren zonder dat je ernaar moet kijken. Maak dan een andere rekening waar je eigen ideetjes kan doen. Als je een “eletric vehicle”-aandeel wilt kopen, doe dat dan in het kleiner gedeelte van je portefeuille. Satellieten noemen we dat. Op deze manier hou je altijd een grote som die verder kan blijven kapitaliseren en groeien.

Jongeren zijn soms heel hevig geïnteresseerd in beleggen, en dan komen ze in het echte leven. Ze beginnen het druk te krijgen met een job, met een gezin, met kinderen. Een huis bouwen kost ook geld aan trouwens. Als je dan trackers hebt, kan je die gewoon laten staan en laten lopen. Maar als je aandelen hebt zoals Nio, of Novacyt, of cryptocurrencies, moet je er heel aandachtig mee bezig blijven. En ik raad dus aan om toch een deel ETF’s in de portefeuille te nemen. Hou die ook bij voor de lange termijn. Stel dat je geld nodig hebt voor je huis of je kind. Verkoop dan die andere aandelen en hou de ETF’s bij. Want, als je dan 30, 35, of 40 bent en je kijkt terug naar de ETF’s, dan ga je zien dat die heel sterk gegroeid zijn. En dan gaat misschien het lichtje branden dat je daar toch meer in moet investeren.

Dus ik hoop echt dat elke millennial toch minstens één ETF koopt en bijhoudt. En als we al zover kunnen zijn dat we een aantal millennials kunnen overtuigen om dit te doen, dan gaan we volgens mij slagen in ons langetermijnproject om meer mensen richting passief beleggen te brengen. Dus dat is een beetje het advies dat ik zou hebben voor een millennial.

Heel erg bedankt voor het interview en voor de duidelijken en lange antwoorden, in de positieve zin. Waar gaan onze lezers en luisteraars naartoe om meer te weten te komen over jou en je werk?

Als je “Vermogensgids” googelt, dan ga op al op mijn site www.vermogensgids.be kunnen komen. Daar staat van onder op de homepage een gratis nieuwsbrief waarop je je kan inschrijven en op de hoogte blijven van waar dat ik mee bezig ben. Er is ook een blog. Maar tegenwoordig is social media natuurlijk de manier om mensen te volgen. Dus je kan Vermogensgids volgen op Facebook, op LinkedIn en op Twitter.

Uiteraard ben je welkom in de Facebook-groepen Beleggen of zelfs Beursfreaks, die ik beide beheer.

En een laatste tip die ik kan geven is dat je je op z’n minst gratis registreert bij de VFB, de Vlaamse Federatie van Beleggers (www.vfb.be). Dat kost niks. Je kan zelfs lid worden als student voor 20 euro. Dat is een hele goeie deal want je krijgt er heel veel dingen voor in de plaats. Maar op z’n minst je gratis registreren geeft je eigenlijk ook de informatie van de Vlaamse Federatie van Beleggers. En dan kan je daar ook de artikels en de webinars (waar ik af en toe ook eentje geef) blijven volgen. En dat is een goede manier om op de hoogte te blijven van de beleggingswereld.

Dus social media, bij de VFB op z’n minst registreren (maar liefst zelfs lid worden) en via Vermogensgids.